dinsdag 10 mei 2016

Japans toerist

In de Dapperstraat
Een miezerige morgen
Domweg gelukkig

vorm: haiku zie hier
© Hendrik Jan Bosman
De Tweede Ronde, zomer 1997
Stadsdichter

Een dichter te Mokum sprak nukkig:
Natuur in dit land is zo ukkig!
Geef mij maar de stad
Ook al regen ik nat,
In de Dapperstraat ben ik gelukkig

vorm: Limerick zie: hier en hier
© Hendrik Jan Bosman
De Tweede Ronde, zomer 1997

maandag 9 mei 2016

Amsterdams elftal

Natuur is voor tevredenen of legen.
En dan: wat is natuur nog in dit land?
Een snipper bos, een heuveltje, verpacht.

Geef mij de grauwe, stedelijke trant,
De vastgeklonken waterkant, de pracht
Van wolken, door een zolderraam omlijst.

Alles is veel voor wie niet veel verwacht.
Het leven houdt zijn wonderen gedeisd
Tot het ze, opeens, toont als een zegen.

Domweg gelukkig, in de Dapperstraat,
Al is 't geen weer voor wie ter kapper gaat.

vorm: elftal, ook wel onzijn genoemd zie hier
© Hendrik Jan Bosman
Leve de Dapperstraat!

Enkel voor leeghoofden!
Wat is natuur nu nog?
Bos als een krantje,
Geef mij maar de stad:

Kaden en wolken zijn
Onvergelijkelijk
Blij in de Dapperstraat
(Zij het wat nat)

vorm: ollekebolleke zie hier
© Hendrik Jan Bosman
De Tweede Ronde, zomer 1997

zondag 8 mei 2016

Amsterdamse Ballade

Natuur is voor tevredenen of legen
Ik geef geen moer om dingen in die trant
U denkt misschien: Natuur? Wat is ertegen?
Maar dan: wat is natuur nog in dit land?
Een stukje bos, ter grootte van een krant,
Wat bungalowtjes in een reservaat
Ik blijf dan liever, cynisch en pedant
Domweg gelukkig, in de Dapperstraat

Geef mij de grauwe, stedelijke wegen
Die grijsheid is mij nimmer te flagrant
Met heel mijn wezen ben ik toegenegen
De'in kaden vastgeklonken waterkant
Mij maakt het schouwspel, machtig, imposant,
Van wolkenlucht die langs de hemel gaat
Door zolderramen meesterlijk omrand,
Domweg gelukkig, in de Dapperstraat

Voor wie het groots Verwachten is ontstegen
Is alles veel, het minste al frappant
Vaak is wat wij van 't leven ooit verkregen
Als troeven in een goed gesloten hand:
Wij missen van zijn wond'ren elk verband
Tot het ze, opeens, toont in hun hogen staat
Dan word ik, door hun schoonheid overmand,
Domweg gelukkig, in de Dapperstraat

Dit inzicht, lieve lezer, kwam tot stand
Toen ik verregend, nat tot op de draad,
Vanmorgen zwaar beschonken was gestrand,
Domweg gelukkig, in de Dapperstraat

vorm: Rederijkersballade zie hier
© Hendrik Jan Bosman
Amsterdamse ghazel

Natuur is voor tevredenen of legen.
En kijk wat wij natuur te noemen plegen:

Een stukje bos, ter grootte van een krant,
Een heuvel met wat villaatjes ertegen.

Geef mij de grauwe stedelijke weg,
De waterkant, in kaden vastgeregen

De wolken nooit zo schoon dan als ze, omlijst
Door zolderramen, langs de lucht bewegen.

Alles is veel voor wie niet veel verwacht.
Het leven houdt zijn wonderen verzwegen

Tot het ze, opeens, toont in hun hogen staat.
Dit inzicht heb ik onlangs zelf verkregen

Verregend in de Dapperstraat, nog vroeg,
Maar niettemin tot jubelzang genegen.

vorm: ghazel zie hier
© Hendrik Jan Bosman

zaterdag 7 mei 2016

Standplaats Dapperstraat

Natuur behaagt contenten danwel legen.
Waaruit bestaat natuurlijk Nederland?
Beboste stukjes, maatje ochtendkrant,
Sporadisch heuvels, villaatjes ertegen.

Mijzelf bekoren stedelijke wegen,
Bekaaide, vastgeklonken waterkant,
Bewolkingsmassa's, zolderraamomrand
Terwijl voornoemden statig langsbewegen.

Alles voldoet alwie weinig verwacht.
Gewoonlijk blijven wonderen verborgen,
Vertonend, eensklaps, hoge wezensstaat.

Aldus vanuit mijzelven overdacht,
Verregend, tijdens miezerigen morgen,
Domweg gelukkig, standplaats: Dapperstraat.

vorm: Sonnet, met alleen meerlettergrepige woorden
© Hendrik Jan Bosman