dinsdag 3 mei 2016

Terug in de Dapperstraat

Domweg gelukkig, in de Dapperstraat,
verregend, na een miezerigen nacht,
heb ik dit bij mijzelven overdacht:
Tot het haar, opeens, toont in haar hogen staat,

verbergt het leven heel zijn wond're pracht.
Alles is veel voor wie niet geeft om maat:
Wie ze door zolderramen gadeslaat,
heeft wolken nooit zo schoon als dit geacht.

De'in kaden vastgeklonken waterkant,
geef mij de grauwe, stedelijke wegen!

Want heuvels met wat villaatjes ertegen,
een stukje bos, ter grootte van een krant,

zeg zelf: wat is natuur nog in dit land?
Natuur is voor tevredenen of legen.


vorm: Sonnet, de versregels in omgekeerde volgorde
© Hendrik Jan Bosman

Via Frits Criens ontving ik een groot aantal pastiches van H.J.Bosman, in sonnet- of andere vorm, van Bloem's Dapperstraat. We kunnen weer even voort.
Voor de website van Bosman klik hier
De Mamma-maag

Aan zuur zijn doorgaans redenen gelegen.
Maar wacht: wat is het zuur in dit verband?
Na vlug geschrok een grote binnenbrand,
Een euvel, maar met pilletjes ertegen.

Laat mij dan gauw weer redelijk bewegen
En dagen vasten (stronken waterplant!),
De darmen nooit zo schoon dan als we, ongans
Door volle tafels, ze weer nuchter kregen.

Al is het veel, ook voor wie veel verwacht,
Een moeder wil haar kinderen verzorgen
Tot het ze, opeens nog, op hun magen slaat.

Toch heb ik bij mijzelven hoog geacht
De lepel, die zo liefelijk geborgen
Domweg gezellig in de pappot staat

vorm: Sonnet, parodie op vergelijkbare klanken
© Hendrik Jan Bosman

maandag 2 mei 2016

De Mallepraat

Cultuur is door de media bestegen.
Want kijk: wat is cultuur nog in dit land?
Een uurtje Tros, een showtje; wat pikant
gekeuvel, tot programaatjes geregen.

Een brij, herkauwd en vreselijk belegen,
De'in kaders vastgelopen ratelband,
Gemolken zooi, gekloon. Men staat onthand,
Door kolderkramers laat men kluchten plegen.

Alles te veel voor wie naar vrede smacht.
De beeldbuis bauwt zijn kommer en zijn zorgen
Tot men soms, opeens, toch naast zijn toestel staat.

Dan komt men tot zichzelf en trekt doordacht,
Gezegend met een diepe lust tot worgen,
Domweg de stekker uit het apparaat.


vorm: Sonnet, parodie op vergelijkbare klanken
© Hendrik Jan Bosman (website klik hier)
Deel inzending Literaire Prijs van Nijmegen 1995

52nd Street

Leave Nature to the empty or content.
And then, its very essence has been shamed:
A stretch of woods, cut tabloid-size and maimed,
A hillside with some cottages for rent.

It is to urban ways my heart is bent,
The waterside, by quayes and bridges tamed,
The clouds, most beautiful of all when, framed
By windowsills, they move where they are sent.

Anything's grand to those who hope for less.
Life hides from us the wonders it can hold
'Till it allows us, suddenly, to meet.

This I was driven lately to confess,
In morning drizzle, soaking wet and cold,
Just happy, here on 52nd Street.

Vorm: Sonnet, vertaald in het Engels
© Hendrik Jan Bosman (website klik hier)
De Ooysedijk

De stad is voor bezetenen of legen.
En dan, wat is een stad nog in dit land?
Een stoepterras ter grootte van een krant,
Een disco met wat spuitbustekst ertegen.

Geef mij de groene, landelijke wegen,
De'in wuivend riet gewiegde waterkant,
De wolken nooit zo schoon, dan als ze, omrand
Door bladerkruinen, langs de lucht bewegen.

Alles en meer dan wat ik had verwacht.
Het leven houdt zijn wonderen niet verborgen
Maar toont ze, hier, in heel hun hogen staat.

Dit heb ik bij mijzelven overdacht,
Verzaligd, op een mooie zomermorgen,
Ver weg, gelukkig, van de Dapperstraat.


Vorm: Sonnet, met tegengestelde inhoud
© Hendrik Jan Bosman (website klik hier)
De Tweede Ronde, zomer 1997

zondag 1 mei 2016

Naar Bloem

Natuur is voor tevredenen en legen
Trouwens, wat is natuur nog in dit land
Getekend, ingepolderd, aangeplant
Met wildroosters en asfalt wandelwegen

Als groenvoorziening landelijk gelegen
Geschapen voor toerist en recreant
Parkeerplaats in het bos op loopafstand
Voor eigentijds klimaatneutraal bewegen

De wildernis in het ontwerp verborgen
Het bos gesnoeid, de heide afgeplagd
Met gaas en draad omwikkeld reservaat

Aan tafel op een vroege voorjaarsmorgen
Heb ik wat men natuur noemt overdacht
En was ik Bloem aan de Zuidbargerstraat.





Gezienus Omvlee

...Niet Dapper Staat

Een muur is voor een vreemdeling soms een zegen.
Maar ach: wat is een muur nog in dit land?
Een stuk beton, met aan de bovenrand,
Een euvel extra, prikkeldraad ertegen.

Geef hem de stoffig-trillendhete wegen,
De lava, dreigend achter kraterwand,
Het wolkenarme blauw, een steppenbrand,
Sprinkhanen, misoogst, of een jaar geen regen

Hij heeft toen hij hier kwam heel wat verwacht,
Maar dit land kan - helaas! - niet voor hem zorgen
Men heeft de oprotpremie al paraat.

Niet meer dan treurnis heeft het hem gebracht,
Hij denkt aan zelfmoord bijna iedere morgen,
Weerstaat het nukkig, daar 't niet dapper staat.



Aat Rolaff


Deze ontving ik gisteren van Remko Koplamp.
Het is  een pastiche waar we in deze tijd maar eens goed moeten nadenken!